

Na een gezellig ontbijt bij Martine en haar kinderen: Sofie, Stef en Tim vertrekken met heel wat adviezen, plannetjes en kaarten naar Washington.
De locatie van de hoofdstad van de nieuwe Verenigde Staten was van in het begin af een struikelblok. Philadelphia, de hoofstad gedurende de onafhankelijkheidsstrijd, had de grootste kans. Maar een machtige delegatie uit Virginia wou een locatie aan de Potomac rivier, maar er werden ook vele andere alternatieven voorgedragen. Mits een compromis kwam een oplossing, de zuidelijke staten stemden in om de oorlogsschulden van de individuele staten over te nemen en zo stemden de noordelijke delegaties toe dat de hoofstad in het zuiden zouden liggen.
De stad werd natuurlijk
'Washington' genoemd, naar de President. George Washington koos de precieze ligging, een paar mijl verderop langs de rivier waar zijn thuis Mount Vernon gelegen was.
De Fransman Pierre l'Enfant werd gekozen om de nieuwe stad te ontwerpen. We kruisten een metrostation dat naar hem venoemd werd. Hij gebruikte een Barokmethode om de straten aan te leggen. Dit is nu het beroemde netwerk van straten - the mall- met diagonale avenues, die als spaken van een wiel op belangrijke plaatsen samenkomen. Hoewel het systeem niet altijd geschikt is voor het moderne verkeer, werden de straten gelukkkig heel wijd aangelegd.


The Mall is een wijds autovrij gebied van 2 mijl lang, met aan de ene kant het Capitool en aan de andere kant het Lincoln Memorial.

Het Capitool, waar de Amerikaanse regering zetelt.
Vanuit de lucht gezien, vormt de Mall een kruis. Het Witte Huis en het Jefferson Memorial liggen aan de uiteinden van de dwarsbalk van het 'kruis'. Ongeveer in het midden staat het Washington Monument. Rond deze Mall zijn de de meeste bezienswaardigheden in de stad te vinden. De stad is rijk aan musea, historische bezienswaardigheden en monumenten. Er valt op de drie jaar van ons verblijf hier nog heel wat te beleven. We laten aan Tom en Michelle de keuze en het wordt een tocht langs een heel aantal Memorials (monumenten) om presidenten en gesneuvelden van de oorlogen te herdenken. Toeristen vanuit de hele wereld komen de indrukwekkende memorials bezoeken.
Het Vietnam memorials bestaat onder anderen uit een sobere zwarte muur, met de namen van alle gevallen soldaten erin gegraveerd.
We worden er even stil van. Dagelijks worden er nog berichtjes bij het graf gelegd door vrienden en familieleden van de overledenen. In kleine kraampjes langs de weg verkopen veteranen pins, badges en prenten.

Na het bezoek aan al deze historische monumenten en gebouwen, trokken we naar het 'National Air and Space Museum', het meest bezocht museum ter wereld. Je raakt het gebouw binnen via een enorme inkomhall waar je tas eerst door een scanner bemand door enkele stoere -maar vriendelijke- politiemannen gaat zoals op een luchthaven.
In de enorme zalen hangen raketten en vliegtuigen en je vindt er tentoonstellingen over de ruimte-en luchtvaartgeschiedenis.
Ook dit museum is zoals de meesten in de stad gratis en wordt beheerd door het Smithsonian Instituut. James Smitthson, een Engelse wetenschaper liet in 1892 zijn fortuin achter aan het Amerikaanse volk om 'kennis te verrijken en te vespreiden'. Deze erfenis heeft ervoor gezorgd dat alle Smithsonian musea maar ook de dierentuin van Washington gratis te bezoeken zijn.
Michelle kon het niet laten om te vragen of ze met één van de plaatselijke 'cops' op de foto mocht.